Tips
|
Op deze pagina treft u een overzicht aan van Tips
|
|
|
Kijk ook eens onder de waterlijn.
Steeds vaker wordt de motorbootvarende wereld geconfronteerd met nieuwe ontwerpen waarvan het bovenwatergedeelte wel klopt, maar waarvan de “onderwater” scheepsvorm die naam nauwelijks verdient.
Onderwatervormen min of meer gebaseerd op het platbodemconcept waarbij op een platte vlakke bodemplaat een bijna verticale kimgang en zijgang worden geplaatst en voila de scheepsvorm is gereed (zie fig.1).
De motor wordt dan meestal in een soort vormloze gondel onder het achterschip geplaatst om maar te zorgen dat de motorkast geen obstakel in de kuip vormt.
Het credo is dan zo'n romp mag uit concurrentie oogpunt weinig kosten. Te weinig realiseert men zich dat de kosten van de romp 15 tot 20% van de totale kosten bedragen. Veel belangrijker zijn de kosten die gemoeid zijn met betimmering, schilderwerk, electrische installatie en verdere uitrusting.

Voorbijgegaan wordt echter aan de consequenties die een dergelijke “onderwatervorm” heeft op het vaargedrag en het benodigd motorvermogen, dus op de vaarkosten.
Als gevolg van de volle rompvorm moet een aanzienlijk gewicht aan vaste ballast worden aangebracht om het schip op voldoende diepgang te krijgen, noodzakelijk voor een voldoende onderdompeling van de schroef, belangrijk voor een goed voortstuwingsrendement en om schroefcavitatie te voorkomen.
Deze extra ballast wordt gedurende het gehele “scheepsleven” meegesjouwd en heeft een nadelig effect op het te installeren vermogen.
Ruwweg kan worden gesteld dat er voor 1 ton ballast, ca 5 tot 6 pk extra motorvermogen benodigd is, met het daarbij behorend extra brandstofverbruik en zwaardere milieubelasting.
Het voordeel van de goedkopere rompvorm is in de tijd dan al snel verdampt.
Nog een nadeel van deze rompvorm is dat zeker op ruwwater met een harde wind op de kop snel “paaltjes worden gepikt” waardoor het verblijf aan boord niet prettig meer is en er gas teruggenomen moet worden.
Bovendien draagt de vlakke bodem niet bij aan de koersstabiliteit van het schip, zodat bij langzame vaart in combinatie met dwarswind het geheel snel verlijert.
Een comfortabele romp bv multiknikspant bestaande uit 3 gangen (vlak, kim en zijgang, zie fig. 2) waarbij de vlakgang een behoorlijke tilling heeft in combinatie met een forse kim, geeft een veel beter gedrag van het schip op ruwwater tegen een geringe kostprijsverhoging van de romp (indicatie ca 5% van de rompprijs, dus ca 1% van de totale kostprijs). Bovendien kan doordat de rompvorm dieper is de motor onder de kuipvloer worden ingebouwd zonder een uitbouw onder water.
Vaste ballast om de romp op voldoende diepgang te krijgen is niet nodig terwijl het te installeren motorvermogen kleiner kan zijn.
Met andere woorden een zgn. “dure” romp verdient zichzelf snel terug in combinatie met een prettig vaargedrag en goede koersstabiliteit.
Daarom is het van belang ook eens onder de waterlijn te kijken.
Kees Kornaat